Van plan om deze winter voor het eerst te gaan snowboarden? Je zult al snel versteld staan van de vele verschillende vormen, de termen en de tricks. Maar laten we eens bij het begin beginnen. . .waar komt snowboarden eigenlijk vandaan?

De geschiedenis van het snowboarden
Het snowboarden is ouder dan je denkt. Al in het begin van de vorige eeuw ging men met een ondergebonden plank de berg af. En eerlijk gezegd zou het ons niet verbazen als onze prehistorische voorouders ook al dikke lol hadden op een plank in de sneeuw. Toch werd snowboarden pas serieus commercieel opgepikt rond de jaren zestig. Een Amerikaan maakte voor zijn dochter twee ski's die hij bij elkaar bond en de ‘Snurfer’ doopte. De populariteit van het snurfen steeg snel en in de jaren zeventig kwamen er competities van de grond rond het snurfen. Pioniers als Jake Burton Carpenter en Tom Sims ontwikkelden het board verder en startten commerciële producties op. De populariteit van het snowboarden bleef in de hieropvolgende jaren stijgen en het snowboard kreeg steeds meer de vorm zoals wij hem nu kennen. De sport werd inmiddels ook snowboarden genoemd, en kreeg uiteindelijk in 1998 ook Olympische erkenning. Snowboarden was van oudsher ondergebracht bij de Internationale Ski Federatie, de FIS. In 2002 besloten organisatoren en snowboarders tot het oprichten van een eigen organisatie, de TTR (Ticket to Ride) na ontevredenheid over de manier waarop de FIS hun sport behandelde. De stap bleek een groot succes en tot op de dag van vandaag prijken een groot aantal evenementen wereldwijd op de kalender.

Wedstrijd disciplines
Het snowboarden is inmiddels een verzamelnaam voor een groot aantal subdisciplines. Allereerst zijn er de Olympische disciplines: halfpipe, de parallel slalom en de snowboard cross. De Olympische disciplines vallen onder de FIS.

Onder het alpiene boarden vallen:
De slalom.
De reuzenslalom.
De parallel slalom.
De parallele reuzenslalom.
De snowboard cross (aka boardercross).

Freestyle wedstrijdvormen:
Slopestyle.
Halfpipe.
Big Air.

Verschillende snowboard benamingen en vormen

Alpien boarden
De verzamelnaam voor de slalom disciplines. Deze worden op tijd beoordeeld, of in heats waarbij de winnaar doorgaat naar de volgende ronde.

Freestyle
Ontstaan vanuit de skate en surf roots van het snowboarden. Speelt zich veelal af in het funpark en de halfpipe. Het gaat om stijl en tricks. Wedstrijden worden beoordeeld door een jury. Een bekende Nederlandse boarder is Dimi de Jong.

Splitboarding
Als je écht op pad ging in de bergen vroeger, moest je wel stukken lopen. Sneeuwschoenen mee dus en het board op je rug. Inmiddels is het Splitboard er. Hierbij bestaat je board uit twee afzonderlijke delen, die je los kunt klikken van elkaar. Op deze manier loop je naar de volgende afdaling om daar aangekomen je board weer aan elkaar te bevestigen en zo naar beneden te suizen.

Freeride
Dit speelt zich af buiten de pistes. Het hele avontuur telt; de tocht naar boven, het plannen en uiteindelijk maken van de afdaling. Maar, freeriden kan overal plaatsvinden. Een bekende freerider is Jeremy Jones.

Parallelslalom
De wedstrijddiscipline waarin de Nederlandse Nicolien Sauerbreij in 2010 goud won. Twee boarders leggen een slalom naast elkaar af, waarbij de winnaar doorgaat naar de volgende ronde.

Boardercross / snowboardcross
De boardercross gaat over een parcours vol met jumps waarbij vier tot zes snowboarders tegelijk starten. Degenen die als eerste over de finish komen (bij een heat van vier dus de eerste twee) gaan door naar de volgende ronde.

Begrippen & tricks

Goofy - Indien je met je rechtervoet voor staat op je board wordt dit ‘Goofy’ genoemd.
Regular - Je linkervoet staat vooraan op je board.
Stance - De stand van je voeten op je board. De afstand tussen je bindingen, en de hoek waarin je bindingen zijn geplaatst.
Duckstance - Je voeten staan naar buiten gedraaid op je board.
Fakie - ‘Achteruit’ boarden, met je standbeen niet voor, maar achter dus.
Base - De onderkant van je snowboard.
Baseplate - De bodemplaat van de binding.
Flex - De flexibiliteit van je board.
Grab - Je board vastpakken tijdens een sprong.
Pow - Poedersneeuw.
180 - Een halve draai.
360 - Een hele draai.
Ollie - Een sprong met je board (zonder dat je hierbij een heuveltje gebruikt) waarbij eerst de voorkant loskomt, gevolgt door je achterkant.
Nollie - Zoals de ollie, alleen komt hier eerst de achterkant omhoog, gevolgt door de voorkant.

Je uitrusting
Om te beginnen met snowboarden zul je allereerst op zoek moeten naar een board, bindingen en schoenen. Laat je hier goed in adviseren en let erop dat je board keuze afhankelijk is van je gewicht, lengte en niveau. Snowboard schoenen (boots) verschillen sterk van model tot model, en van merk tot merk. Veel passen dus en letten op een goede pasvorm.

Bekende snowboard merken
Burton
Volcom
K2
Salomon
Ride
Forum
Santa Cruz

Dit is nog maar het tipje van de ijsberg. We hebben geprobeerd een aantal zaken te verduidelijken en de belangrijkste disciplines te omschrijven. Maar snowboarden gaat volgens ons vooral om vrijheid en. . .plezier. De sport heeft zijn roots in het surfen en het skaten en dat is nog duidelijk te merken. De flow, stijl en tricks zijn herkenbaar.

En hoe je het ook wilt noemen, wat ons betreft is het gewoon snowboarden. Het gaat om plezier en dat is met die plank onder je voeten echt gegarandeerd.

Links:
Ticket to Ride World Snowboard Tour
FIS
Nederlandse Ski Vereniging